Voor een trainingsavond van twee uur met acht spelers op twee banen heb je bij vrij rallyen 12 ballen nodig, dus drie blikjes van vier. Wordt er getraind met oefeningen waarbij een trainer ballen aangeeft, dan liggen er al snel 30 ballen per baan, dus 60 in totaal.
Vrij rallyen en dubbelspel
Bij een gewone avond met rallyen en partijtjes speel je met één bal tegelijk per baan. Toch heb je er meer nodig dan twee, want ballen belanden in het hekwerk, onder de banken of op de naastgelegen baan. Als vuistregel werkt zes ballen per baan: drie in de bak of zak en drie die je steeds rouleert. Bij twee banen is dat 12 ballen. Gebruik je blikjes met drie ballen, dan kom je op vier blikjes uit, bij blikjes met vier op drie.
Trainingen met mandje en oefeningen
Zodra een trainer met een ballenmand werkt, verandert de rekensom. Bij oefeningen waarin hij ballen aangeeft, wil je dat de spelers minstens een minuut of vijf kunnen slaan zonder te bukken en te rapen. Met 30 ballen per baan is dat gelukt: met een slag per drie seconden duurt het zo'n anderhalve minuut voordat de mand leeg is. Voor acht spelers op twee banen is dat 2 x 30 = 60 ballen, ofwel 15 blikjes van vier.
Je koopt die niet elke avond opnieuw. Een club of groep slaat ze op in een mand of een emmer en gebruikt ze maandenlang, zolang ze goed stuiteren. Controleer ze regelmatig, want ballen die de drukte verliezen, worden dof en stuiteren slecht.
Waarom nieuwe ballen soms zinvol zijn
Een bal gaat niet kapot, maar hij verslijt. Het vilt wordt gladder en de druk zakt. Voor wedstrijden en voor trainingen waarbij je op balgevoel traint, pak je dus verse ballen. Voor een oefening waarin je honderd keer dezelfde slag herhaalt, volstaan oudere ballen prima. Houd bij hoe vaak een set is gebruikt: na zo'n tien tot twaalf uur spelen is een bal voor serieus spel meestal niet meer fris.
Weer en temperatuur
In het najaar hebben ballen last van lage temperaturen. In de kou stuitert de bal merkbaar minder en dat verandert hoeveel ballen je nodig hebt, omdat je vaker bukt. Wie wil weten hoe een tennisbal zich in de kou gedraagt, kan dat nalezen om zijn spel aan te passen. Op een koude avond neem je ruim voldoende ballen mee en kies je voor ballen die niet nat zijn geworden.
Na afloop: de ballen en jijzelf
Droog de ballen na een natte avond en bewaar ze in een droge mand. Drukloze ballen kunnen bij vocht zwaarder worden. Controleer ook jezelf: na twee uur intensief trainen voelen je benen en schouders het. Wie wil weten wat je doet bij lichte spierpijn na sporten, vindt daar praktische tips voor een sneller herstel.
Plan je een avond met acht spelers, neem dan altijd een reservebliks mee. Een handjevol extra ballen is goedkoper dan een training die stilvalt omdat het materiaal op is.