Veelgemaakte technische fouten bij de volley
De volley lijkt simpel: racket naar voren, bal wegleggen en klaar. Toch is het een van de lastigste slagen in tennis. Juist omdat je weinig tijd hebt en dicht bij het net staat, vallen technische foutjes genadeloos op. Door een paar basisprincipes consequent toe te passen, maak je je volley direct stabieler en betrouwbaarder.
Verkeerde grip en gespannen pols
Een veelgemaakte fout is het spelen van de volley met een forehand- of backhandgrip. Dit beperkt je bereik en maakt het lastiger om snel van forehand naar backhand te wisselen. De continentale grip zorgt voor een neutrale racketstand waarmee je beide kanten efficiënt kunt spelen. Daarnaast is een stijve, gespannen pols funest voor gevoel en controle. Houd je pols stevig maar ontspannen en vermijd een zwiepende slagbeweging. Denk meer aan blokken dan aan slaan.
Te grote zwaai en te veel kracht
Veel spelers maken een grote achterzwaai bij de volley, alsof ze een grondslag slaan. Bij de volley heb je juist een compacte beweging nodig. De bal komt al met snelheid naar je toe, waardoor een korte duwbeweging voldoende is. Neem het racket niet verder dan een klein stukje achter je heup en beweeg dan naar voren met je arm en je lichaam. Zo houd je controle over richting en diepte zonder onnodig fouten te forceren.
Fouten in voetenwerk en positionering
Zelfs met een goede techniek valt een volley uit elkaar als je voetenwerk en positie niet kloppen. Omdat alles aan het net sneller gaat, moet je lichaam klaarstaan vóórdat de bal jouw kant op komt. De meest gemaakte fouten zijn te ver achter het servicelijn blijven hangen en stil blijven staan tijdens het slaan.
Stilstaan en achterover hangen
Veel spelers blijven rechtop of zelfs iets achterover hangen op het moment van raken. Hierdoor verlies je balans en komt het racketblad vaak open te staan, waardoor de bal hoog en kort in het veld belandt. Probeer juist licht naar voren te leunen, met je gewicht op de bal van je voeten. Maak vlak voor de slag een kleine splitstep zodat je snel naar links of rechts kunt afzetten. Ga tijdens het raken met je lichaamsgewicht in de richting waar je de bal heen wilt spelen.
Onhandige afstand tot het net
Te dicht op het net staan geeft je weinig tijd en maakt je kwetsbaar voor lobs, terwijl te ver naar achteren blijven betekent dat je veel ruimte weggeeft aan je tegenstander. Richt je positie idealiter iets voor het midden tussen servicelijn en net, en pas die aan op basis van de diepte van de bal van je tegenstander. Na elke volley stap je een halve pas naar voren om de druk op te voeren, maar behoud altijd genoeg ruimte om ook een hogere bal gecontroleerd te kunnen volleyen.
Tactische en mentale fouten bij de volley
Zelfs met goede techniek en voetenwerk gaat de volley mis als je verkeerde keuzes maakt of twijfelt op het laatste moment. Veel spelers zetten de volley alleen in als wanhoopsmiddel, terwijl een goede volley juist een krachtig wapen kan zijn in je spelplan.
Te hard willen slaan en geen duidelijke plek kiezen
Een klassieke fout is dat spelers de bal keihard willen afmaken zodra ze aan het net staan. Hierdoor nemen ze onnodige risico's en raken ze de bal vaak te laat of te laag. Richt je eerst op richting en plaatsing, bijvoorbeeld diep door het midden of weg van de sterkste kant van je tegenstander. Pas als je echt hoog en kort staat, kun je voor een volliewinner gaan. Door elke volley met een duidelijk doel te spelen, wordt je slag rustiger en effectiever.